Rechts golvend land, links de Atlantische Oceaan. Op bewolkte dagen zoals nu is het somber, maar heeft het ook iets wilds. Vandaag rijden we langs de kust naar de pottenbakkers van Safi. We overleven een weg die eigenlijk geen weg is, ontmoeten een charmante gids en belanden in een labyrint van werkplaatsen waar klei tot tajines wordt gedraaid. Aan het einde van de dag wacht er nog een hond. Daarover later meer.
De kustweg van Essaouira naar Safi begint veelbelovend. Helaas duurt dat niet lang. Halverwege verandert het asfalt in een hindernisbaan. Gaten, kapot wegdek, stukken waar de weg zichzelf om zeep heeft geholpen.
Dan volgt een omleiding over een pad dat pad vol plassen, gaten en modder. Stapvoets rijden we verder, de camper schokt en schommelt; alles in de kastjes rammelt, net als wij. We kijken elkaar aan. Houdt dit nog op? Hoelang gaan we zo verder? Is er een alternatief?

Nee, een alternatief is er niet. Dichter bij Safi neemt het landschap een ander karakter aan en de weg wordt iets beter. Enorme bouwprojecten verrijzen langs de kust. In de verte zien we rookpluimen boven een kolossaal chemisch complex. Waar we een uur eerder nog naar de lege horizon keken, rijden we nu langs hijskranen en industriële installaties. Maar wat we langs de weg zien herinnert ons eraan dat we er bijna zijn: we passeren ezelkarren beladen met klei. Zou dat voor de pottenbakkers zijn?
In Safi rijden we met de camper een parkeerplaats op aan de rand van de medina. Het ziet er vol en smal uit. Bij de ingang staan twee politieauto’s en enkele agenten. Hier zal het dus wel vertrouwd zijn om de camper even achter te laten. Als we proberen de camper te parkeren, komt er een man op ons af, maakt druk gebaren, wijst, helpt.
Geen woord verstaan we, maar zijn bedoelingen zijn duidelijk. Dankzij hem staat de camper goed en veilig. Bovendien wijst hij ons de weg naar de pottenbakkerswijk. Dit alles vanzelfsprekend tegen een kleine vergoeding.
Safi, domein van pottenbakkers
Aan de overkant van de straat beginnen de trappen naar de werkplaatsen van de pottenbakkers. Halverwege, als we bij een kleine werkplaats kijken hoe een man achter een draaischijf een homp klei bewerkt, worden we aangesproken door een voorbijganger. “Come and have a look”, zegt hij en gaat ons voor naar binnen.

Daar krijgen we een demonstratie en zien we hoe de man binnen enkele minuten een vormloze kleimassa in een fraaie tajine verandert. Zijn handen bewegen alsof ze de vorm al kennen voordat de klei dat weet. Dit handwerk, zorgvuldig en tijdrovend, zorgt voor een kwaliteit die mijlenver afstaat van de glimmende souvenirs in de toeristengebieden.
Al eerder waren we aangesproken door iemand die zich aanbood als gids. Dat aanbod hebben we afgeslagen, maar nu we de wirwar van steegjes hebben gezien, weten we dat je hier niet zonder iemand kunt die je rondleidt. Zonder onze ‘voorbijganger’ zouden we in dit labyrint van steegjes, trappen en donkere werkplaatsen volledig het spoor bijster raken.
Labyrint vol vaklieden

Van de ene werkplaats naar de andere leidt hij ons door de wijk. Na een paar minuten hebben we al geen idee meer waar we zijn. In elke kleine, donkere ruimte zijn vakmensen aan het werk: de een draait, de ander werkt af, een derde schildert. Op sommige plaatsen ligt de klei waarvan we denken dat we die we eerder op de ezelkarren zagen. Dat blijkt niet zo te zijn, zegt onze gids als hij stap voor stap het proces uitlegt.
“Eerst gaat de klei in een bak met water. Daarna drogen, totdat de glans eraf is”, vertelt hij in charmant Engels. “Wat niet gedraaid kan worden, wordt in mallen gegoten. Vervolgens wordt alles bedekt met witte klei uit het Franse Limoges. Na het drogen wordt het afgewerkt en in een oven op 800 graden gebakken. Dan geschilderd, voorzien van glazuur en terug de oven in, nu op 1200 graden.” In het hele proces worden geen chemische producten gebruikt, benadrukt onze gids.
Eerste les in afdingen

Na de laatste werkplaats leidt de gids ons door een smalle doorgang naar een opvallend lichte ruimte die tegelijk winkel en toonzaal is. Schaaltjes, tajines, kommen, bekers, bijna worden we bevangen door keuzestress. Uiteindelijk kopen we een paar schaaltjes en een mini-tajine. Tegelijk oefenen we voor het eerst serieus in afdingen. Het gaat onwennig, maar het lukt. Buiten nemen we afscheid van de gids. Een kleine vergoeding, een handdruk, een glimlach, een vriendelijk woord. Dan verdwijnt hij het labyrint weer in.
Nog vol van de indruk die we hebben opgedaan lopen we naar wat ooit het kloppende hart van Safi was. Normaal is de media de plek waar een stad het hardst van zich laat horen: kramen vol koopwaar, stemmen, geuren, beweging. Nu is het doodstil. Winkeltjes zijn dicht. Luiken zijn kapot, luifels hangen scheef en zijn gescheurd.


Op de muren geven grauwe lijnen aan hoe hoog het water begin dit jaar heeft gestaan toen zware regenval Safi wekenlang teisterde. Zwijgend lopen we een klein stukje door wat ooit het bruisende hart van de stad was. We vinden het ongepast om hier foto’s van te maken. Het is een deprimerende omgeving, zeker als we bedenken dat tijdens de recente overstromingen zevenentwintig mensen om het leven kwamen.
Camping en blaffende hond in Safi
In de namiddag rijden we naar de voormalige camping municipal. Wat ooit een fraaie plek moet zijn geweest, is nu een braakliggend terrein. Op een ren met een paar kippen na staan de gebouwen leeg, in het zwembad heeft al jaren geen water gestaan, alles is verwaarloosd en vervallen. Alleen elektriciteit is er nog. Voor één nacht is het prima, maar echt aantrekkelijk is het niet.

Nadat we de camper op een grasveld hebben geparkeerd, maak ik een rondje over het terrein. Straathonden zwerven tussen de campers. Daar zijn we inmiddels wel aan gewend. Al eerder zijn we onze schoenen kwijtgeraakt (lees ons blog over Essaouira). Nu schuilt het gevaar ergens anders en dat besef ik pas als ik, verscholen in een hoek van een van de gebouwen, een hond ontdek
Zodra het dier mij ziet, schiet het naar voren, razend, blaffend, vol adrenaline, schuim op de bek. Geschrokken spring ik net op tijd opzij. Gelukkig ligt de beest aan een ketting en kan hij net zijn tanden niet in mijn kuit zetten. Rukkend aan zijn ketting, buiten zinnen van woede, wurgt hij zich bijna als de ketting strak om zijn nek spant.
Ik schrik me kapot. Nu loopt het net goed af. Morgen zal het anders uitpakken, met dramatische gevolgen. Maar dat weten we op dit moment nog niet. In ons volgende blog lees je wat de gevolgen zijn van een nieuwe, onverwachte ontmoeting met de waakhond en hoe we daarna ons reisplan moeten aanpassen.
Praktische informatie
- Kustweg Essaouira-Safi. Eerste deel mooi, tweede deel zwaar: kapot asfalt, gaten, modder, omleidingen over onverharde wegen; bouwprojecten en chemisch complex vlak voor Safi.
- Pottenbakkerswijk. Vrij toegankelijk; gids ter plaatse sterk aanbevolen, niet alleen voor uitleg maar ook om de weg te vinden; reken op een kleine vergoeding.
- De souk. Grotendeels vernield door overstromingen begin dit jaar; een bezoek is mogelijk, maar verwacht weinig activiteit.
- Parkeren. Net buiten de souk en op loopafstand van de pottenbakkerswijk is een parkeerplaats.
- Camping municipal Safi. Gebouwen staan leeg. Alles is vervallen, het zwembad staat droog, geen voorzieningen behalve elektriciteit. Geschikt voor één nacht.
- Prijs: 80 dirham per nacht.
- Meer tips. Meer reistips vind je in ons artikel ‘Bezoek de pottenbakkers van Safi‘.
Wat vind je van dit bericht? Laat hier een recensie achter op Google. We zijn heel benieuwd naar je mening.


Geef een reactie