Sneeuwbeeld van de Atlasleeuw.

Sneeuw en een verlaten hotel

Marokko is een land dat je voortdurend uitdaagt om je vooroordelen overboord te gooien. Net wanneer je denkt het ritme van de stoffige medina’s en de charmante chaos te begrijpen, rijd je een bocht om en kom je in een landschap dat sprekend lijkt op de Zwitserse Alpen. Onze reis van het hectische Fez naar het verstilde Azrou was precies zo’n moment van totale desoriëntatie.

Terwijl de zandkleurige muren van de medina in Fez langzaam in onze denkbeeldige  achteruitkijkspiegel verdwijnen, laten we de indrukken van gisteren nog eens op ons inwerken. Ruim vijf kilometer liepen we door een souk waar we werden bedolven onder geuren, kleuren en geluiden. Nu gaan we een heel andere wereld in.

Veel hebben we erover gelezen, maar wat ons precies te wachten staat, weten we niet. Gestaag klimmen we omhoog terwijl de droge, stoffige lucht van het laagland plaatsmaakt voor een lichte bries die steeds scherper en zuiverder aanvoelt. “Er ligt sneeuw,” zei de taxichauffeur gisteren. “En het is heel koud,” voegde hij er nog aan toe.

‘Wat is het koud’

In de verte tekenen de besneeuwde toppen van het Midden-Atlasgebergte zich eerst nog als een fata morgana af tegen een strakblauwe lucht. Zijn het wolken? Nee, er ligt echt sneeuw. In de cabine van de camper borrelt een gevoel van opwinding op. Al snel wordt het landschap om ons heen ruiger. En dan rijden we ineens door een besneeuwde omgeving.

De kettingen hoeven er niet om, de wegen zijn goed bereikbaar, maar de velden en hellingen zijn nog steeds bedekt met de restanten van een witte deken. Onze thermometer telt genadeloos af: van een behaaglijke 20°C in het dal naar een schamele 12°C op zo’n 2.000 meter hoogte. Binnen een paar uur rijden we van groene heuvels de ijle lucht van een wit winterwonderland in.

Ifrane, Europees mirage in de Atlas

Onze eerste tussenstop is Ifrane. We hadden er al het nodige over gelezen, en de makers van De Vloggende Bestemming, één van onze favoriete YouTubers, maakten er een bijzondere video over. Toch verrast het dorp ons. Waar zijn de platte daken, de okergele muren en de hobbelige wegen? In plaats daarvan rollen we over glad asfalt langs gebouwen die rechtstreeks uit de Alpen lijken te komen.

Ifrane werd in de jaren dertig van de vorige eeuw door de Fransen ontworpen als een ville de villégiature, een toevluchtsoord voor de koloniale elite die de hitte in de steden wilde ontvluchten. Nu is het de thuishaven van de prestigieuze Al Akhawayn Universiteit en staat het bekend als het St. Moritz van Marokko. Ook heeft de Marokkaanse koning hier een paleis.

Op de trottoirs ligt nog een restje sneeuw, maar de echte witte deken wacht ons verderop. Eerst is het tijd voor een actie die tijdens de ramadan overdag een uitdaging is: de zoektocht naar koffie. In Ifrane stuiten we op een hotel waarvan de deuren wagenwijd open staan. Vanaf het terras roept een ober: “Caffee, monsieur?”

Enigszins verbaasd vragen we of het inderdaad mogelijk is nu een cappuccino te drinken. “Bien sûr, geen probleem,” verzekert hij ons. In de vitrine glimmen taartjes en pains au chocolat alsof ze net uit een Parijse patisserie zijn ingevlogen. We nemen er een paar mee voor later op de dag, bij de koffie in de camper.

Bewakers van het cederwoud

Zodra we Ifrane verlaten, verandert het decor opnieuw. De weg naar Azrou slingert dieper het gebergte in en we worden opgeslokt door de schaduwen van de reusachtige ceder- en eikenwouden van het Ifrane National Park. De stammen van de ceders zijn zo dik dat we ons afvragen hoe lang ze hier al staan. Dit is het domein van de barbarijse makaak, in de volksmond de berberaap, die ook de Rots van Gibraltar bevolkt.

Het is een indrukwekkend gezicht om ze in hun natuurlijke habitat te zien. We minderen vaart als we de eerste groepen langs de weg spotten. Sommige apen zitten stoïcijns in de zon hun vacht te verzorgen, terwijl de jongere exemplaren nieuwsgierig de weg oversteken om te zien of onze camper toevallig iets interessants bij zich heeft. Hun blikken blijven fascinerend, maar we houden de ramen dicht. Dit is hun territorium, wij zijn slechts passanten.

Dan, midden in een besneeuwde vlakte waar de wind vrij spel heeft, doemen plotseling twee gigantische sneeuwsculpturen op in de vorm van leeuwen. Een eerbetoon aan de inmiddels uitgestorven Atlasleeuw die hier ooit de bossen onveilig maakte. Wie de kunstenaars zijn, blijft een raadsel, maar de leeuwen waken majestueus over de voorbijgangers.

Mysterie van Ben Smim

Na een paar uur manoeuvreren door met sneeuw bedekte bossen en langs witte hellingen, vinden we onze standplaats voor de nacht: Euro Camping in Ben Smim, vlak bij Azrou. De locatie is allesbehalve alledaags. De camping ligt verscholen achter een kolossaal, verlaten hotel dat als een klassiek kasteel over de heuvels waakt.

Het verhaal achter dit gebouw is doordrenkt van mysterie. Ooit was dit het Grand Hôtel du Toumliline, een plek van ongekende luxe en prestige. Tot het op last van de overheid definitief werd gesloten. In de dorpen rondom Azrou gaan de verhalen nog steeds rond: na een tragisch ongeluk tijdens een wild feest, waarbij overmatig alcoholgebruik de boosdoener was, namen de autoriteiten een drastisch besluit. De deuren gingen dicht, voor altijd.

Tegenwoordig staat het hotel er spookachtig bij. De ramen zijn geblindeerd, de deuren zitten op slot, maar verder is alles nog intact. Je kunt je zomaar voorstellen hoe het hier ooit was: rook, muziek, drank, gelach, en een weelde die geen grenzen kende.

Rust op 1.400 meter hoogte

De camping zelf is een toonbeeld van eenvoud. Voor 95 dirham per nacht krijg je geen luxe resort, maar wel de essentie van het camperleven: ruimte, functioneel sanitair en een uitzicht dat onbetaalbaar is. Geen elektriciteit, geen wifi, wat je dwingt om echt even ‘uit’ te staan en de omgeving in je op te nemen.

Overdag is de zon op deze hoogte je beste vriend. We zetten de stoeltjes buiten in het felle licht en kijken uit over de glooiende heuvels van de Atlas. Maar wees gewaarschuwd: zodra de gouden gloed achter de pieken zakt, grijpt de kou je razendsnel bij de keel.

De nacht heeft hier een zeldzame kwaliteit. Nauwelijks verkeer op de nabijgelegen weg, geen omgevingslicht, alleen een overweldigende sterrenhemel die zo helder is dat je de Melkweg bijna kunt aanraken.

Altijd een glimlach

De volgende ochtend willen we vroeg vertrekken, maar in Marokko gaat niets volgens een strak schema. De beheerder is onvindbaar, maar uiteindelijk rekenen we af bij de poort, naast het verlaten hotel dat zwijgzaam toekijkt. “Shukran”, zegt de bewaker als we hem een fooi geven.

Het zijn juist deze kleine, ongeplande momenten die het reizen hier zo charmant maken. Je moet er soms net iets meer moeite voor doen, maar het lukt altijd, en meestal met een glimlach.

Voor ons ligt nu een lange rit, dieper de bergen in, over een smalle bochtige weg richting een van de mooiste watervallen van Marokko. Dat wordt nog een hele toer. Hoe het dit afgeloop? Dat lees je in ons volgende blog.

Praktische informatie
  • Locatie: Euro Camping Ben Smim (RN 8 tussen Ifrane en Azrou)
  • Voorzieningen: ruime plekken, lozen grijs water/chemisch toilet, vers water, douche en toilet.
  • Niet aanwezig: elektriciteit en wifi.
  • Prijs: 95 dirham per nacht.
  • Campertip.Zorg voor een volle gastank en een goede kachel, de nachten in de Atlas kunnen ijskoud zijn.
Gepubliceerd in:

3 reacties op “Sneeuw en een verlaten hotel”

  1. Lut Marinus avatar
    Lut Marinus

    Klinkt super!

  2. Willemijn avatar
    Willemijn

    Aantrekkelijk geschreven, smaakt naar meer

    1. Cees van Dijk avatar

      Dankje voor het compliment en ik kan je geruststellen, er komen nog heel wat artikelen aan. Als je niets wilt missen, schrijf je dan in voor de gratis NOMAS nieuwsflits.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *